Archive for July, 2012

Streek- Met enige regelmaat publiceert Gerrie Hulsing boeken over de wielersport. “De sport ligt me na aan het hart. Ik heb wat sportbiografieën geschreven, maar ik zoek ook altijd naar leuke items waarover ik kan schrijven. Het 40-jarig bestaan van de Ronde van Oostzaan is zo’n onderwerp.” Hulsing was er al een behoorlijk tijd mee bezig, in de veronderstelling dat het Komité Wielerronde Oostzaan in 2011 al 40 jaar bestond. “Via via was het Martin Vonk (voorzitter stichting KWO) ter oren gekomen dat een fanatiekeling met een kroniek bezig was. Hij legde meteen de link met het jubileum. Natuurlijk een erg mooie samenloop van omstandigheden. Ik kan natuurlijk voor zo’n boek geen mooier platform krijgen dan een jubilerend comité!” En ja de Ronde van Oostzaan is me ook wel een rondje, zegt Hulsing. “Het is zwaar. Echt een rondje dat op zichzelf staat.” In Noord-Holland is er niet meteen een vergelijking. “Je moet van goeie huizen komen om hem te winnen. Eigenlijk kan je het ook zien aan de uitslag. Wat de regio betreft zijn het in het algemeen goeie renners die de ronde wonnen. Zoals Gerard Windhouwer die voordat hij hem op zijn palmares bijschreef er toch drie keer heel dicht bij zat!” In de tijd dat Gerrie bij DTS fietste waren er minder mogelijkheden dan tegenwoordig. “Als ik een tube aan bagger reed kon ik drie weken niet fietsen. Dan moest ik eerst geld bij mekaar ritselen om een nieuwe te kopen. De mannen nu nemen gewoon een voorraadje mee. Machtig mooi voor die mannen hoor. Er is door die voorzieningen ook veel meer drive om door te gaan. De fietsen van tegenwoordig zijn ook niet meer te vergelijken met die waar wij op reden.“

Wielerkroniek
‘320 Keer Links-af…’ geeft een fantastisch overzicht van de Ronde van Oostzaan, je mag wel zeggen een echte wielerkroniek. Elke jaar is beschreven met de uitslagen erbij. Het geheel voorzien van foto’s waarbij meteen de vraag ontstaat hoe hij die op de kop heeft getikt. “Ik heb zelf een behoorlijk archief, wel gericht op DTS, niet specifiek op de Ronde van Oostzaan. Toon Brugman, bestuurslid geweest bij het comité, spaarde nogal en had nog wel het een en ander liggen. Pa Vonk – noem ik hem maar – knipt alles wat Oostzaan betreft uit . Ik werd aangeraden eens met hem contact op te nemen. Van een aantal jaren had ik de uitslagen niet, maar die diepte hij zo uit zijn knipselarchief. Een jaar konden we niet vinden, zelfs bij het hoofdbureau van de KNWU hadden ze het niet. Peter Visser vond het uiteindelijk bij het archief van de krant.” Zo is de kroniek over de Ronde van Oostzaan helemaal compleet. Bijna was het in 1984 afgelopen, het werd te duur. Hulsing heeft het prachtig beschreven hoe bij ‘de laatste ronde’ Jan de Nijs werd gehuldigd (Oostzaner en NK en WK achter grote motoren), maar ook hoe wethouder Jan Vonk na afloop aankondigde dat hij een toekomst zag voor de ronde. In 1985 was er weer een editie.

Fanatiekeling
Hulsing is helemaal verzot op het wielrennen, langs het parcours wordt hij wel een fanatiekeling genoemd. “Ja dat klopt wel”, zegt hij met een brede grijns. “Ik was 13 toen ik me bij DTS meldde als aspirantje. Ik heb vreselijk mijn best gedaan. Het is alleen niet zo uit de verf gekomen. In mijn tijd was het lastig, vooral als je uit een groot gezin kwam. Ik reed hooguit in de Wijdewormer en wat regionale koersen. Dan had ik ook nog dubbele pech, want mijn vader was a-sport. Ik heb het uitgezongen tot in mijn nieuwelingentijd, maar toen heb ik wel de pijp aan Maarten gegeven. Net lang genoeg om te weten waarover je het hebt.” Want volgens Gerrie Hulsing praat god en iedereen over wielrennen, maar het aantal mensen dat er echt verstand van heeft, dat zijn er wel wat minder. “Dan hoor je mensen op televisie, de zogenaamde vaklui, praten over wielrennen, maar ze hebben nimmer op de fiets gezeten, of het moet zijn om even boodschappen te gaan doen in de stad. Je kunt aan hun praten horen dat ze er de ballen verstand van hebben. Nou zal ik niet zeggen dat ik de wijsheid in pacht heb, maar ik ben wel zo ijdel om te denken dat ik er net iets meer van weet.” In elk geval heeft hij lang genoeg op de fiets gezeten om in het wereldje van het wielrennen een goed gesprek te voeren.
Het boek ‘320 Keer Links-af…’ wordt u warm aanbevolen. Smullen voor de liefhebber! Bestellen kan via www.opdenvinken.nl.

…Waarom zullen we de vorige wielergeneraties vergeten….
Laat ze deel uit maken van een museum, waar nabestaanden met gepaste trots kunnen toezien hoe hun naasten deel uit blijven maken van de Zaanse wielersportgeschiedenis.

Zaans Wielersport Museum
Gerard Hulsing ziet met lede ogen hoe stukjes wielerhistorie verdwijnen, letterlijk soms de vuilnisbak in. De Zaanstreek heeft een rijke wielerhistorie, die niet alleen beschreven moet worden, maar ook getoond. “Ik ben in 2007 begonnen met het beschrijven van de Zaanse wielersporthistorie. Je praat dan voor 98% over DTS. Voor die kroniek bezoek ik de ouderen wielrenners, of vaak ook de nabestaanden ervan voor informatie. De kroniek bestaat in grote lijnen uit mini-biografieën met fotootjes van vroeger. Tijdens die verhalen hoor ik vaak dat zaken zijn weggegooid. Dan bloedt mijn hart. Het zijn allemaal stukjes geschiedenis. Ik kan me wel voorstellen dat je daar als eenling misschien niets mee hebt, maar het komt natuurlijk nooit meer terug. Toen heb ik de knuppel in het hoenderhok gegooid en ben gestart met de ontwikkeling van het Zaans Wielersport Museum.” Het idee om zo’n museum in de Zaanstreek op te richten blijkt aan te slaan. Niet alleen Gerrie Hulsing is er enthousiast over. “Ik heb een gesprek gehad met sportwethouder Jeroen Olthof. Die staat niet negatief tegenover de plannen. Ik heb een duidelijk plan gemaakt, zonder al te veel toeters en bellen, waaruit precies blijkt wat we nodig hebben en wat het gaat kosten. Belangrijkst is het conserveren van de wielerhistorie en een locatie waar mensen dat allemaal kunnen gaan bekijken.” Geen museum zonder collectie. “Precies, je moet natuurlijk wel een collectie hebben. Nou daar ben ik nu druk mee bezig en het begint vorm te krijgen.” Wat heet, in het magazijn van zijn groothandel heeft Hulsing inmiddels al zo’n 23 zeer bijzondere fietsen opgeslagen en dat niet alleen. Hulsing: “Er staat bijvoorbeeld een oude derny. Ik heb al zo’n 80 wielertruien in de collectie, bijvoorbeeld de Regenboogtrui van Jan de Nijs. Maar het moet natuurlijk wel een museale functie krijgen in een echt museum. Je moet als bezoeker wel even zoet zijn om alles te kunnen bekijken. En dat niet alleen, er moet ook een goed documentatiecentrum bij zitten.” Hulsing noemt meteen een voorbeeld van iets dat bij uitstek in zo’n centrum thuis hoort. “Vorig jaar is microfonist Toon Lagterop overleden. Die maakte sfeer, een bonte figuur. Het huidige bestuur van het wielerkomité is natuurlijk een andere generatie. Via een documentatiecentrum kan je die geschiedenis helemaal terughalen.”

Culturele waarde
Niet alleen de historie is voor het museum van belang, ook de culturele waarde, stelt Hulsing. “Ik heb een fiets in de collectie die stamt uit de jaren dat DTS begon. De wielersport pakte in de Zaanstreek helemaal niet. In het zuiden en het buitenland werden al grote klassiekers gereden. De Tour de France bestond al. Maar in de Zaanstreek gebeurde nog niet veel. Ze waren hier zo calvinistisch als de pieten en vonden al die korte broekjes en blote beentjes maar griezelig. Bij DTS zijn ze toen eerst begonnen met toertochten, dat waren vaardigheidsritten. Daar konden ook vrouwen aan meedoen en het leek niet op een wedstrijd. Al zat er wel een wedstrijdelement in. Ze moesten een bepaalde afstand in een zo secuur mogelijke tijd afleggen. Deelnemers hadden vaak een fiets waarmee ze naar hun werk gingen. In het weekeinde fietsten ze die wedstrijden ermee. Zo’n fiets, met een dubbelfunctie dus, heb ik in de collectie. Dat is zomaar een stukje geschiedenis. Dat moet je bewaren!”
Al die bijzonder museumstukken krijgt Gerrie Hulsing van oud-renners, of van mensen die op de een of andere manier bij het wielrennen betrokken zijn. Zo heeft hij een PIJHO-fiets, die werden destijds in Zaandam gemaakt door Piet Hoogland op de Stationstraat. “Hij was fietsenmaker en had drie zoons bij DTS. Dus hij ging zelf een raceframe bouwen voor zijn zoons. Andere renners vonden dat leuk en zo is dat merk fietsen eigenlijk ontstaan.” Met enige regelmaat struint Hulsing ook Marktplaats en veilingen af naar nieuwe artefacten voor het wielermuseum.
Het is geen individuele actie van Gerrie Hulsing. Het plan om een Zaans Wieler Sport Museum op te richten is in de vorm van een stichting gegoten. Een comité van aanbevelingen met de oud profs Gert Jan Theunisse, Piet de Wit, Cees Stam, Jaap Oudkerk, Harm Ottenbros en musicus/wielerfanaat Tonny Eyk roepen u op om steun te verlenen in welke vorm dan ook aan de totstandkoming van het Zaans Wielersport Museum.

Meer informatie
Kijk voor meer informatie op website Zaans Wielersport Museum

Foto’s (c) Dré Prijs



Meer filmpjes zie www.youtube.com/BeeldvaneenDorp

Oostzaan – De Oostzaanse wielrenner Gerard Windhouwer rijdt voor de negentiende keer de Ronde van Oostzaan. De laatste keer in de categorie Elite/Belofte/Amateurs, misschien volgend jaar in de Sportklasse, maar daarover doet Gerard nog geen uitspraak.

Onlangs kreeg hij uit handen van Gerrie Hulsing het eerste exemplaar van ‘320 Keer Links-af… “, het jubileumboek over de Ronde van Oostzaan. Bij die gelegenheid zei Windhouwer: “Ik heb het eens uitgerekend, maar ik ben straks denk ik wel zesduizend tachtig keer links-af gegaan.” Oostzaan rekende de afgelopen jaren ook wel een beetje op zijn aanwezigheid. Windhouwer deed het namelijk goed. Met regelmaat vind je hem terug in de Top Tien, soms zelfs bij de eerste drie en in 2002 sloot hij de Ronde van Oostzaan zelfs winnend af. Het is al weer een tijdje geleden natuurlijk, maar dat komt ook door tijdgebrek. “Ik heb nu minder tijd om te trainen. Je wordt ook wat ouder (39 jaar), waardoor het wat minder makkelijk gaat. Werk vraagt natuurlijk ook veel tijd.” Maar ondanks dat is het plezier in de sport nog helemaal niet weg. Ik vermaak me er nog steeds mee.”

Zwaar parcours
De Ronde van Oostzaan heeft hij wel in zijn hart gesloten. “Ik heb het altijd een prachtig rondje gevonden. Andere jongens hoorde ik klagen, zuchten en steunen over al die rondjes en het hobbelige parcours. Het is een loodzwaar parcours, al zijn de straten onlangs opgeknapt. De hobbels haalden alle snelheid eruit. Op de rechte stukken stuiterde je af en toe bijna van je fiets af. Dat is nu niet meer zo. Het rondje is sneller geworden.“ Fysiek is de Ronde van Oostzaan ook best wel stevig. “Het zijn twee lange rechte stukken. De bochten zijn dan wel kort. Het tempo wordt in die bochten er helemaal uitgehaald. Op die rechte stukken is de topsnelheid wel heel hoog. Na de bocht is het dus voluit accelereren en dan voor de bocht flink in de remmen. Dus is het heel moeilijk om het verschil te maken. Dat lukt in de bocht zeker niet. De jongens zijn redelijk aan elkaar gewaagd en het is moeilijk om weg te komen. Omdat je voortdurend aan het versnellen bent naar je hoogste tempo, is het bijna ondoenlijk om ook nog een demarrage te plaatsen. Maar als je eenmaal met een klein groepje het peloton een beetje op afstand hebt gezet is het wel een rondje om weg te blijven. Je kunt dan een constanter tempo rijden dan in een grote groep.”

Vallen en opstaan
We spraken met Gerard Windhouwer ook over de risico’s van de sport. Tijdens de Tour de France waren er nogal wat valpartijen. Bij de Ronde van Oostzaan staan flink wat wielrenners aan de start en het gaat hard. “Als je wielrenner bent dan lig je ook wel eens op de grond”, reageert Windhouwer nuchter. “Maar over het algemeen valt het wel mee. In een criterium rijd je vaak in een lint omdat je constant bochten moet nemen. Het peloton is dus minder compact dan zoals je in de Tour de France ziet. Bij valpartij in een compact peloton zijn meteen meer renners betrokken. In die criteriums kan wel eens iemand vallen, maar hij kegelt niet meteen een heleboel renners om. Als er al iets gebeurt is dat meestal in een bocht. Dan schuif je er uit. Dat levert dan wat schaafwonden op. Meestal vallen de verwondingen wel mee.” Windhouwer wil niet horen dat wielrenners harder zijn dan voetballers. Hij is het er niet mee eens. “Op het veld kan een voetballer op de grond gaan liggen omdat hij het spelverloop wil beïnvloeden. Als ik als wielrenner in de polder onderuit ga dan kan gaan liggen wachten. Dan kijkt er niemand naar je om en zit ik er tien minuten later nog. Het belang is: ‘je moet mee’. Hoe langer je op de grond blijft zitten, hoe meer tijd je nodig hebt in de achtervolging. Dus stap ik weer op de fiets. Als het gaat dan fiets je door. Lukt het niet dan kan je altijd nog stoppen.”

Er is altijd behoorlijk animo voor de Ronde van Oostzaan geweest. Windhouwer: “Het criterium wielrennen is in Noord-Holland op een redelijk hoog niveau. We hebben in onze provincie echt wel een aantal toppers die voor de overwinning gaan. De Ronde van Oostzaan is zo’n ronde die iedereen graag wil winnen.” Duidelijk is dat Windhouwer zelf bij die toppers hoort. “Ik heb perioden gehad in Noord-Holland dat ik alle wedstrijden bij de eerst tien reed, dat ik vaak op het podium stond en ook wedstrijden won. Dat het in Oostzaan maar steeds niet lukte frustreerde me wel.” Een verklaring heeft hij er niet meteen voor. Hij sluit niet uit dat het komt door de druk vanuit het publiek, dat een Oostzaans succes wil. Maar in 2002 waren de benen dus goed! “Dat was een topjaar voor mij. Ik had toen in veel wedstrijden goeie resultaten.”

Opa
Gerard Windhouwer heeft in zijn jeugdjaren enige tijd gevoetbald. “Mijn vader was de kant van het voetbal, mijn moeder meer die van het wielrennen. Mijn opa was de grote animator. Ik ging altijd met hem naar de wielerwedstrijden in een hele oude DAF. Op mijn 14e ben ik bij DTS begonnen. Dat was ook een logische keuze: de club waar mijn opa vandaan kwam. Hij was blij als ik het goed deed en als ik het niet goed deed was hij zelf ook een beetje chagrijnig. Ik heb het zelf moeten ondervinden. “ Dat is goed gelukt als je die 25 jarige wielercarrière overziet. Windhouwer relativerend: “Bij de Amateurs kon ik leuk meedoen. Ik wil het niet groter maken dan het is. De grote jongens rijden de Tour de France en het Nederlands Kampioenschap.”

Fotoreportage Ronde van Oostzaan 2011 (copyright: D. Prijs)




Oostzaan – De provincie Noord-Holland heeft een negatief zwemadvies afgegeven voor de Klaas Dobber Droogte en ‘t Vennegat in Recreatiegebied het Twiske. Dit in verband met blauwalg. Er is nog geen noodzaak voor een zwemverbod, zoals bijvoorbeeld in het Jagersplas voor de Kuifeend.
Voor een zwemverbod liggen de blauwalgwaarden bij deze zwemwatertjes nog te laag. Op de stranden zijn borden geplaatst. De waterkwaliteit wordt de komende dagen scherp in de gaten gehouden.
Voor het zwemwater bij het Kure Janstrand en de Speelsloot in het Twiske is eerder een waarschuwing gegeven, omdat daar ook blauwalg is gesignaleerd.

Wie toch gaat zwemmen doet dat op eigen risico. Maar je doet er toch beter aan niet te gaan zwemmen in een plas waarvoor een negatief zwemadvies geldt. De kans dat je ziek wordt is namelijk redelijk groot. Bij een zwemverbod is het risico zo groot dat zwemmen voor niemand is toegestaan.

Hoe de provinciale website in de gaten voor actuele informatie over de zwemwaterkwaliteit: www.noordholland.nl. Ook kun je natuurlijk altijd zelf even een kijkje nemen op de interactieve zwemwaterkaart. Daarop zijn alle adviezen te vinden.


Waarschijnlijk vandalisme
Zaandam – Mensen die vanochtend op de fiets over de Wilhelminabrug rijden was het al opgevallen, het monument ter herdenking aan de Februaristaking van 1941 is verdwenen.Hoewel er nog helemaal geen verklaring voor is gegeven, lijkt hier vooral sprake van puur vandalisme. Het beeld dat Truus Menger heeft ontworpen werd zo’n 11 jaar geleden op de brug bevestigd en herdenkt het moedig verzet van de Zaanse arbeiders tegen het wegvoeren van joden door de Duitse overheerser. Menger maakte een prachtig, sterk beeld van demonstrerende arbeiders. Een klein beeldje, maar de zeggingskracht is enorm.

De brandweer, dat meldt Nieuwsflitsje vandaag, heeft het 30 kilo zware beeld uit de Zaan gevist. Dat is te zien op de foto’s van Haico Kats die op YouTube zijn gezet.

Hoewel de zaak nog in onderzoek is, lijkt er sprake van vandalisme. Ook zou kunnen dat daders erop uit waren om het beeld te verpatsen vanwege de bronswaarde. Gelukkig is dat in elk geval niet gelukt.

Wat er nu met het beeldje gaat gebeuren is onduidelijk. Waarschijnlijk wordt het teruggeplaatst maar steviger bevestigd. Het is te hopen dat de daders worden opgepakt.

Mocht u iets hebben gezien rond dan wordt u verzocht die informatie te delen met de politie. Dat kan via 0900 – 8844, of anoniem 0800-7000.

Fotobron: De foto’s van Haico Kats hebben wij van YouTube.com, zie ook www.nieuwsflitsje.nl. De foto van het monument is tijdens de Herdenking van de Februaristaking gemaakt door Lammert Melk.




Tweede Kamerlid Rik Grashoff heeft op donderdag 12 juli een bezoek gebracht aan het Ilperveld. Hij stelde de nieuwe zonnepanelen op de veldschuur van Landschap Noord-Holland officieel in gebruik. Verder was hij deze dag de gast van Soortenbescherming Nederland en Landschapsbeheer Nederland. Tijdens een rondvaart door het natuurgebied bekeken ze de rijkdom aan planten en dieren.

Bouwlamp
Rik Grashoff (Groen Links) is onlangs, samen met Lutz Jacobi (PvdA) en Stientje van Veldhoven (D66), uitgeroepen tot Groenste Tweede Kamerlid. In het Ilperveld stelde hij de nieuwe zonnepanelen op het dak van de
veldschuur in gebruik. Enkele vrijwilligers hadden er voor gezorgd dat een boormachine en een grote bouwlamp aangingen zodra Rik Grashoff met een druk op de knop de zonnestroom vrij gaf. Dat zorgde voor een mooi effect. Door de zonnepanelen wordt onder meer energie opgewekt voor machines en boten in het natuurgebied. Ook het bezoekerscentrum probeert hiermee zelfvoorzienend te werken. De panelen zijn aangeschaft en geplaatst met hulp van Milieubelicht, Jan van der Schaft van Global Technical Consultants, agrariër Jan Schaap en enkele vrijwilligers.

Trilveen
Na de start in het bezoekerscentrum volgde een rondvaart door het Ilperveld. Hier leven soorten van Europees en nationaal belang zoals bittervoorn en noordse woelmuis, maar ook de roerdomp. Tijdens de tocht stapten de
bezoekers even uit om het trilveen te ervaren. Rik Grashoff beleefde dit onderdeel heel intens; hij zakte door de bodem… Het werkbezoek werd besloten met een fietstocht terug naar Amsterdam Centraal. Een tocht van een half
uur. Het illustreert weer eens dat dit natuurgebied heel dichtbij de stad ligt en goed toegankelijk is.

Om jongeren bewust te maken van de gevaren in het verkeer en hen te laten zien hoe zij daar het beste mee om kunnen gaan, investeert de provincie Noord-Holland in 23 verkeersveiligheidsprojecten. Zo worden interactieve verkeersquizzen gemaakt over de lokale schoolroutes, ongelukken door scholieren gereconstrueerd en worden er gesprekken tussen jongeren en verkeersslachtoffers georganiseerd. De provincie stelt hier ruim 9 ton voor beschikbaar.

De provincie heeft een taak in het verbeteren van de verkeersveiligheid: niet alleen in technische zin, maar ook door voorlichting en bewustwording. Uit cijfers van het aantal verkeersdoden blijkt dat het aantal jongeren dat omkomt in het verkeer, sterk is gestegen ten opzichte van voorgaande jaren. Daarom kiest de provincie ervoor om de subsidie daar op in te zetten.

Rolstoel, debat en drank
In totaal worden 23 projecten door heel Noord-Holland georganiseerd. Zo wordt bij het project ‘Verkeerslokaal’ interactief verkeersles gegeven specifiek gericht op de eigen woon- en schoolomgeving. Leerlingen inventariseren daarbij zelf de meest gebruikte routes en de gevaarlijke locaties. Op basis hiervan wordt een verkeersquiz gemaakt. Maar ook meer creatieve manieren worden ingezet om de jongeren te prikkelen over hun eigen gedrag in het verkeer na te denken zoals een rolstoelparcours, theatersport, een film waarbij scholieren een ongeluk reconstrueren, gesprekken met verkeersslachtoffers, debatten en simulaties van de invloed van alcohol en drugs.

Jong geleerd oud gedaan
Op basisscholen waar het verkeersexamen wordt afgenomen, krijgen de leerlingen extra verkeerslessen om hen voor te bereiden op (zelfstandige) deelname aan het verkeer. Ook worden verkeersouders ingezet, die de verkeersveiligheid rond de school op de kaart zet bij de school, gemeente en andere betrokken partijen.

Bron:
Dit artikel ontvingen Beeld van een Dorp van de Provincie Noord-Holland. Onder de 23 projecten in de provincie zijn overigens geen Oostzaanse. Misschien een idee voor een volgende keer, aangezien op het gebied van bewustwording met betrekking tot de verkeersveiligheid op scholen in Oostzaan vrij veel wordt gedaan.


In heel Nederland houden imkers op zondag 15 juli open huis. Ook in uw regio doen diverse imkers mee. Breng één of meer van hen een bezoek en beleef een paar interessante uurtjes. Bij de meeste imkers zal honing uit de omgeving te koop zijn.

Het jaar 2012 is uitgeroepen tot het Jaar van de Bij. Niet alleen de honingbij, maar ook solitaire bijen en hommels staan dit jaar extra in de belangstelling. Alle bijen maken moeilijke tijden door. Onder andere door een gebrek aan bloemen lopen de aantallen van deze belangrijke bestuivers terug. Op de Landelijke Open Imkerijdag zal dan ook aandacht worden besteed aan de wilde bijen in Nederland. Met bijenhotels en bloemen kunnen deze interessante en nuttige insecten geholpen worden.

Bijen zijn boeiend
Imkers vertellen graag over hun boeiende hobby. Ze leggen ook graag uit hoe belangrijk bijen zijn voor het in stand houden van de natuur. Ze laten u graag zien wat er zoal komt kijken bij het houden van bijen. Ze laten u, als u wilt, een kijkje nemen in een bijenvolk. Durft u dat niet aan? Sommige imkers hebben een observatiekast, waar een bijenvolkje achter glas te zien zijn. Misschien ontdekt u de koningin en ziet u het verschil tussen de darren, de mannetjes, en de werksters, de vrouwelijke bijen.

Honingwinning
Hoe komt de honing in een potje terecht? De imker laat u graag zien hoe het uit de honingraten wordt geslingerd en vervolgens direct te eten is. Ze laten ook zien hoe ze kaarsen maken van bijenwas en vertellen waar de was vandaan komt, wat de bijen met het stuifmeel die ze halen doen of hoe je bijenkoninginnen kunt telen, hoe met de bijen de specifieke heidehoning wordt gewonnen of hoe je met honing lekkere koek kunt maken.

Laat u informeren
Het bezoek is gratis. Sterker nog: u krijgt er iets bij: een kopje koffie of thee, een stukje honingkoek. Zolang de voorraad strekt krijgt u ook een zakje zaad mee. En enkele folders over bijen en het houden van bijen. Daarmee willen de imkers benadrukken dat de bij een belangrijke plaats inneemt in de biodiversiteit.
Bent u geïnspireerd door het verhaal dat heeft gehoord? Overweeg een kennismakingscursus te volgen of een stapje hoger: een beginnerscursus.

Twiske doet ook mee
Recreatieschap ‘t Twiske doet mee aan de Open Dag. De imkers Hans van der Ahe en Max Nuyens van de Bijenvereniging Beemster en Omstreken geven demonstraties en vertellen over de honingbij en de bijenhouderij.
Bij de ernaast gelegen insectenmuur is informatie te vinden over de daar huizende bijen en andere nuttige insecten. De bijenstal ligt achter het bezoekerscentrum van Het Twiske. Adres: Noorderlaaik 1 1511 BX Oostzaan.


De Koebootrace, traditionele afsluiter van de Oostzaanse Sportweek, gaat zondag niet door. De belangrijkste reden om tot afgelasting te besluiten is een tegenvallend aantal inschrijvingen. Oostzaners lijken er dit keer geen zin in te hebben. Dat is erg jammer, omdat het kostelijke evenement de afgelopen jaren altijd erg veel volk trok. De sportieve strijd op het water was zowel dagen voor het evenement als weken daarna nog een terugkerend onderwerp van discussie.


Er was de afgelopen jaren zelfs zoveel toeloop dat de organisatie een streng ‘vol is vol’ benadering koos. Het moest wel te runnen blijven.
Dit jaar had de organisatie van de Sportweek voor de jeugd een eigen Koebootrace in petto. Het is niet bekend of daar ook geen animo voor was.

Bootprobleem
De organisatie werd dit jaar geconfronteerd met een tekort aan boerenplatten, waarmee de race wordt gepeddeld. Een van de boten had het begeven en een vervanging was deze week nog niet helemaal rond. Er werd zelfs een oproep gedaan, of inwoners nog een boerenplat te leen hadden.
Erg jammer. Het is het tweede achtereenvolgende jaar dat de Koebootrace in Oostzaan wordt afgeblazen. In 2011 ging hij niet door wegens slechte weersomstandigheden. Het is onduidelijk of de Koebootrace misschien op een later tijdstip wordt georganiseerd – bijvoorbeeld na de vakantie.

Niet uitgesloten moet worden dat de Koebootrace van 2010 voorlopig de laatste was en dat in toekomstige sportweken de race niet meer opgenomen wordt.


Bewoners van de straat Hooiijzer in Oostzaan vinden het uitzicht op bedrijventerrein Skoon, ofwel ‘Het Bos’, niet mooi. “Onze tuinen grenzen aan de Dors we kijken uit op de Kolkweg en het bedrijventerrein. Het plan heeft niets te maken met een bos, maar alles met grote zwarte gebouwen’, aldus een brief die door de vijfentwintig bewoners van buurt is ondertekend. Dit uitzicht vinden ze onaangenaam. Wel een opvallend schrijven in een sfeer in het dorp waarin juist het bedrijventerrein en de uitstraling ervan wordt opgehemeld. De bewoners van Hooiijzer delen die mening duidelijk niet.

De buurt wil links en rechts van de Kolkweg een rij bomen. En de aanplanting langs de Dors moet wat de buurt betreft doorlopen langs de groenstrook die er nu is.
“Het zal ons uitzicht een stuk aangenamer maken. Maar ook de entree naar ons dorp zal een stuk vriendelijker overkomen als je de Kolkweg oprijdt met links en rechts bomen als een laan. Het zal de naam ‘Het Bos’ van Oostzaan eer aan doen.”
Kortom, de buurtbewoners willen als ze in hun achtertuintje zitten uitzicht op bomen en niet op ‘Het Bos’! Na het zomerreces zal er een antwoord volgen van de gemeente.

Laatste Nieuws
Agenda
Nieuwscategorieën
Archief